|
|
|
Eiwitten zijn de meest ingewikkelde macromoleculen. De bioloog Max Perutz besteedde 25 jaar aan de analyse van één eiwit, namelijk hemoglobine. Dit eiwit is verantwoordelijk voor het transport van zuurstof in ons bloed. Voor dit onderzoek ontving Perutz de Nobelprijs in 1962.
Toch kunnen we ook zeggen, dat eiwitten eenvoudig zijn. Eiwitten bestaan zoals veel andere macromoleculen uit lange reeksen van kleinere moleculen. Die kleinere moleculen binnen een eiwit worden aminozuren genoemd. De structuur voor een aminozuur is hieronder weergeven.
Het is vooral hetgeen wat op de plek van de R kan komen, wat het allemaal ingewikkelder maakt. Een aantal voorbeelden:
|
|
|
Glycine
|
Leucine
|
Cysteïne
|
|
|
|
Fenylalanine
|
Asparagine
|
Tryptofaan
|
Zo zijn er 20 aminozuren, die o.a. als bouwsteen fungeren voor de eiwitten in levende organismen. In de onderstaande lijst is ook aangegeven welke aminozuren voor de mens essentieel zijn, en de gebruikte afkortingen.
|
Niet essentieel |
Essentieel |
|
Aminozuur |
Afkorting |
Aminozuur |
Afkorting |
|
Glycine
|
Gly
|
Lysine
|
Lys
|
|
Alanine
|
Ala
|
Tryptofaan
|
Trp
|
|
Serine
|
Ser
|
Histidine*
|
His
|
|
Glutaminezuur
|
Glu
|
Fenylalanine
|
Phe
|
|
Cysteïne
|
Cys
|
Leucine
|
Leu
|
|
Tyrosine
|
Tyr
|
Isoleucine
|
Ile
|
|
Asparagine
|
Asn
|
Threonine
|
Thr
|
|
Glutamine
|
Gln
|
Methionine
|
Met
|
|
Proline
|
Pro
|
Valine
|
Val
|
|
Asparaginezuur
|
Asp
|
Arginine*
|
Arg
|
* Alleen bij zuigelingen
|
|